Techniek

Het verleden leert ons dat het Pack Mee-kungfu hoofdzakelijk werd onderwezen aan rechtschapen personen met reeds ervaring in Chinese methoden tot zelfverdediging, meestal zelf gereputeerde leraars.

Deze gemeenschappelijke achtergrond, oorspronkelijk uit het Shaolin-boksen van waaruit ook Witte Wenkbrauw zijn systeem uit noodzaak ontwikkelde en combineerde met taoïstische aspecten, vergemakkelijkt een beter begrip van de essentie van onze stijl.

Daarom lieten zijn opvolgers, elk met hun specialiteit, hun favoriete elementen na in het systeem dat we nu kennen.

Het bestaat bijvoorbeeld uit individueel of met partner vooringestudeerde, opeenvolgende technieken van aanval en verdediging, in de vorm van khen-tau. Men streeft naar automatische, efficiënte reflexen na verloop van tijd, om te weerstaan aan bedreigende situaties.

Ze worden zowel ongewapend als gewapend, met behulp van klassieke Chinese wapens, ingeoefend.

Ze beogen een vlotte coördinatie tussen de verschillende lichaamsdelen, een verhoogde stabiliteit, snelheid en kracht, in combinatie met een juiste ademhaling en een flinke dosis "fighting spirit".

Zo trainen we vormen uit "Gipsy"-stijl (van de Hakka), uit het Lee-gar kungfu en uit Draak-stijl.

Ook onze eigen leraar introduceerde elementen van bevriende meesters, o.a. om zijn leerlingen te confronteren met hun basiscapaciteiten, motivatie. Hierbij denken we aan Lo Hon-sets, vormen uit Witte Kraanvogel-stijl, moderne Lam-khen, enz.

Een greep uit onze klassiekers (naar de uitspraak van Sufu Jie's Hakka dialect):

Met wapens:

In complementaire sets combineert men verschillende wapens in tweegevechten: bijvoorbeeld vlindermes/schild tegenover hellebaard; speer tegen tijgervork of hellebaard, enz.

Onvoorziene elementen met betrekking tot aanval en verdediging, maakt men vertrouwd tijdens sparring-sessies met partner, voorzien van bescherming.

Stootkussens en -zakken helpen ons onze kracht bij impact te ontwikkelen.

Onze ademhalingsoefeningen dienen voornamelijk ter ondersteuning van martiale actie. Ze worden niet beschouwd als aparte gezondheidsoefeningen, maar dragen er ongetwijfeld toe bij.

Eenhoorn/Leeuwendans: hun praktijk ondersteunt en versterkt specifieke basisvaardigheden op traditionele wijze.

Chi-kung technieken: kunnen later worden aangeleerd en demonstreren in welke mate ons menselijk lichaam kan weerstaan aan uitzonderlijke omstandigheden, zonder kwetsuren tot gevolg. Ze zijn defensief en behoudend van aard om weke lichaamsdelen te vrijwaren van pijnlijke aanvallen. Bijvoorbeeld: men drukt het uiteinde van een betonijzer op de keel van een tweede persoon zodanig, dat de staaf in tweeën plooit.

IJzeren Hand-training: de handen dienen gedurende lange tijd intensief te worden gehard. Ze is offensief en destructief van aard om schade toe te brengen in hoogste nood. Het effect van een klap door dergelijk getrainde hand, is dezelfde al was ze uit staal gesmeed. Zo komt men op een punt om bijvoorbeeld d.m.v. de snijzijde, zeer hard materiaal zoals grote keien, te doorklieven.

Eventuele lichamelijke letsels tengevolge van één of andere training, vormen in onze school de uitzondering op de regel. Bij dergelijke ongelukken consulteert men in eerste instantie een erkend geneesheer. Het Chinese kruidenmedicijn "Dit Daa Tsjow" gebruikt men van oudsher om kneuzingen, botletsels, e.a. te voorkomen en/of hun genezing te vergemakkelijken. Haar optimale en duurzame effect wordt echter in grote mate bepaald door een simpele, maar intensieve praktijk.

De spirituele voorouder-cultus, onder de vorm van het Pack Mee-altaar van de hand van Sufu Jie, heeft tot doel alle overleden Sufu regelmatig te gedenken. We mogen vooral nooit vergeten hen dankbaar te zijn voor hun persoonlijke verdiensten in het verleden, die ons hebben gebracht waar we nu staan.

Algemeen

Globaal worden alle voornoemde onderdelen in een bepaalde volgorde doorlopen.

We gaan hierin stapsgewijs te werk om telkens, ieder voor zich, het onderste uit de kan te halen. Ze zijn erop gericht op langere termijn hun diepere onderliggende verbanden te laten aanvoelen. Nochtans zal niemand ooit kunnen uitblinken op alle vlakken tegelijk: elk mens is verschillend met specifieke aangeboren eigenschappen. De realiteit wijst telkens weer uit dat slechts enkelingen erin slagen het "hele" parcours te doorlopen.

Kenmerkend aan het Pak Mei

Het is niet enkel een interne noch enkel externe stijl. Net om redenen van efficiëntie en evenwicht combineert ze steeds deze twee (hard en zacht). Enkel zo komt men tot haar bekende onvoorspelbare en explosieve "schrikkracht". Iets anders is dus ook geen Pak Mei.

De onnatuurlijke gevechtshoudingen maken er deel van uit en vergen wat tijd ze te gaan beheersen. Vandaar dat men haar authentieke vormen pas later leert.

In tegenstelling tot andere kungfu-methoden, kenmerkt het Pack Mee zich eerder door haar korte, intensieve khen-tau.

De reden ligt in het verleden, in een tijd zonder vuurwapens waar knokpartijen beslistten over leven en dood.

Het spreekt vanzelf dat men dan koos voor de zekerheid van enkele waardevolle technieken, gegoten in korte vormen, om ze intensief te oefenen teneinde hun efficiëntie op te drijven.

De wijze waarop, eigen aan Pack Mee, werd om veiligheidsredenen zorgvuldig bewaard en gekoesterd door de toekomstige generaties.

Opgelet voor namaak!

Sommige typische stijlkenmerken, die vanaf het begin worden meegegeven, gelden ter kennismaking. In tegenstelling tot hun uiterlijke eenvoud op het eerste zicht, zullen enkel ernstige leerlingen vlug snappen dat nog een lange weg dient worden afgelegd.

Een ander type mensen, met respect voor ieders persoonlijke aanleg, zijn diegene die vol enthousiasme telkens weer iets nieuws beginnen, maar vroegtijdig afhaken, eens hun grootste honger is gestild. Na verloop van tijd weten zij mee te praten over veel dingen, maar moeten telkens weer afhaken als het ietsje ernstiger wordt.

In het kungfu is het niet anders: sommige zelfverklaarde "Sifu" blijken meesters in het ontwijken van deze realiteit, weten vooral hun waar goed aan de man te brengen via andere methoden, om enig aanzien te verwerven.

Handig inspelend op de complexe, maar onterecht geheimzinnige aard van dit onderwerp, ontwerpt deze moderne sifu bijvoorbeeld zijn (nieuwe) stijl van "traditionele(?) Chinese krijgskunst", op basis van eerder oppervlakkige ervaringen.

Iedereen maakt wel eens fouten, ook in de beoordeling van een dergelijk leraar. Daarom verdient hij tot op zekere hoogte het voordeel van de twijfel, zeker in verband met zaken buiten onze eigen school.

Voor "insiders" echter, ontmaskert een soortgelijk "krijgskunstenaar" zichzelf door de waarheid geweld aan te doen, als hij op eenzelfde oppervlakkige manier openlijk insinueert enig inzicht of noemenswaardige ervaring te hebben met betrekking tot de voor hem onbekende, ernstige aanpak binnen het Pack Mee Pai van Sufu Jie.

Sufu Jie's Pack Mee-stijl in zijn geheel zit doorspekt met elementen uit de Chinese cultuur, dikwijls botsend met, soms onbegrijpelijk naar onze opvattingen.

De westerse omgeving, waarin hij op jeugdige leeftijd terecht kwam en zijn persoonlijk gevoel voor menselijke gelijkwaardigheid, maakten dat hij deze later wist te vertalen naar niet-Chinese leerlingen toe. Mits de nodige creativiteit, die deze van hun kant hierbij geregeld aan de dag moesten leggen en soms tot zijn eigen groot vermaak, blijken simpele begrippen aan de basis te liggen.

Niet zozeer nationaliteit, afkomst of vorm zijn van tel: aanhoudend vertrouwen, geduld en doorzetting naar ieders best vermogen primeren in zijn systeem, met Pack Mee als leidraad.

Ze zetten aan tot nuchtere fysieke en innerlijke zelfstudie, weren vooroordelen, gepieker en twijfel.

Onafgebroken, regelmatige training geven het beste resultaat op lange termijn. Ingebouwde rustpunten laten immers toe de dingen eventjes op een rij te zetten.

Externe factoren (werk, privé), maar in feite ieders persoonlijke keuze in prioriteiten, bepalen soms dat constante praktijk wordt onderbroken. Een korte tijd van stilstand wijst reeds op haar grote belang: de gevolgen bij herneming van de lessen vallen meestal tegen, hoe miniem ook. Zij geven een terecht idee van de energie die men opnieuw zal moeten opbrengen, om slechts te komen tot het punt waar men zou zijn gestopt, lange tijd terug.

Volwaardige beoefenaars dragen universele waarden als bescheidenheid, fatsoen, respect voor hun medemens te beginnen met zichzelf, hoog in het vaandel, geheel naar de aanwijzingen van hun eigen leraar (voor ons: Sufu Jie) in de eerste plaats.

Ze staan model voor een harmonieuze samenleving waarin ieder voor zich, bewust van de eigen tekortkomingen en kwaliteiten, bijdraagt om conflicten geen kans te geven.